Geloof kwijt ? Manifest van een twijfelaar.
Ik volg Boele Ytsma, op blog en twitter. Deze verbinder/pastor stond in Trouw, met een openhartig interview. Lees..... Verbind... Hij komt deze week met zijn boek uit. Vandaar de publiciteit.
Het manifest van een twijfelaar
Deze week verschijnt bij ’Van de kaart – Manifest van een gepassioneerde twijfelaar’ (Uitgeverij Boekencentrum). Hierin vertelt Boele Ytsma hoe de twijfel zijn rotsvaste geloof in deed storten en wat er uit de ruïnes van zijn ’kathedraal van zeker weten’ met veel moeite weer werd opgebouwd: een zoekend geloof met ruimte voor kritische vragen.
Ytsma houdt binnenkort op als gewoon predikant. Hij wil zich storten op projecten ’in het begeleiden van processen rond gemeenteopbouw’.
Zijn weblog zoekendgeloven.nl wordt veel gelezen en hij is actief in de emerging church-beweging, een vrij orthodoxe stroming. In 1988 was hij ineens zijn geloof kwijt. Pastor Boele Ytsma schreef er een boek over. „Theologie is een spel van woorden en beelden, maar als die een scheiding veroorzaken wordt theologie levensgevaarlijk.”
Vanuit zijn werkkamer in de pastorie is nog net de kerktoren van de orthodoxe Gereformeerde Bondsgemeente te zien. „Daar mag ik af en toe ook voorgaan”, zegt Boele Ytsma (40). „Al ben ik daar iets te licht voor.” Hoe zeer de pastor van de gereformeerde kerk (PKN) in Siddeburen het ook als zijn roeping ziet om de kloof tussen vrijzinnigheid en orthodoxie te overbruggen, toch wordt in het interview steeds weer duidelijk hoe moeilijk het is om hierover te spreken zonder ’etiketjes’ te plakken op verschillende vormen van geloven.
Op zijn visitekaartje staat: ’Boele P. Ytsma - Pastor/Verbinder’. ’Verbinder’ had ook ’bruggenbouwer’ kunnen zijn. Zelf heeft de geboren Fries op een pijnlijke manier kennis gemaakt met de kloof tussen evangelisch-orthodoxe en vrijzinnige gelovigen. Hij vat zijn eigen biografie kort samen: „Ik ben van radicaal-evangelisch, via mild-evangelisch, bijna-ongelovig en tegen-wil-en-dank-gelovig naar behoorlijk vrijzinnig gegaan.” Weer die ’etiketjes’ en misschien wel de onmogelijkheid om ze te ontwijken in het gesprek over de twee kampen waarin christenen volgens Ytsma bezig zijn om „met pionnetjes het eigen gelijk af te bakenen.” Daar moet een eind aan komen, vindt hij, want „er worden alleen mensen overtuigd die al overtuigd waren.” En: „Uiteindelijk is het evangelie het kind van de rekening.”
In 1998 – Ytsma leidde samen met zijn vrouw het bezinningscentrum Beth Tikwah, dat hij na zijn studie theologie aan de Evangelische Hogeschool in Amersfoort en de VU in Amsterdam had opgericht – raakte hij van de een op de andere dag zijn geloof kwijt. Of zoals hij zelf zegt, stortte zijn ’kathedraal van zeker weten’ in. „Daarvoor was ik een rotsvaste gelovige waar veel mensen zich aan vast hielden.” Terugkijkend ziet hij dat zijn kathedraal al eerder barsten was gaan vertonen. Als gevolg van wat hij ’gevaarlijke ervaringen’ noemt. Bijvoorbeeld „ontmoetingen met prachtige mensen die niet in Jezus geloofden en dus naar de hel zouden gaan. Ik kon niet geloven dat God niet van die mensen houdt.”
Ytsma bleef nog even werken op het bezinningscentrum. Een moeilijke tijd waarin hij zich eenzaam voelde, omringd door mensen wier kathedraal nog overeind stond en die hem soms keihard buitensloten en veroordeelden. In het EO programma ’Herberg de Verandering’ van Andries Knevel vertelde eind vorig jaar Ytsma over die moeilijke periode. Kijkers konden zien hoe hij Knevel de hand schudde als ’broeder’ in het geloof. Voor de vrijzinnig geworden pastor een ’genezende handdruk’ omdat de man wiens hand hij schudde voor hem het symbool was van het orthodoxe christendom dat hem zo pijnlijk had laten vallen en verketterd.
Toen Ytsma werd uitgenodigd voor dat programma dacht hij dat het een grap was. Op zijn weblog had hij zich scherp uitgelaten over de EO-coryfee en andere voormannen van een evangelisch geloven waar hij, in zijn eigen woorden, ’bang van werd’. Ytsma: „Op de radio hoorde ik in een programma van Knevel een bespreking van het boek van Klaas Hendrikse ’Geloven in een God die niet bestaat’. Onder andere Van Kampen gaf daarin zijn mening, hoewel hij het boek niet had gelezen. Hij zegt over Hendrikse, en ik citeer: ’Je zou met hem naar het CWI moeten gaan en zeggen: dit is een arbeidsongeschikte predikant, want hij is geestelijk gehandicapt – hij kan niet geloven wat hij verkondigen moet. Dan moet hij misschien asbestplaten gaan verkopen of zo: gewoon een beroerd product met verve aan de man brengen.’ Toen ik dat hoorde zat ik huilend achter de computer. Ik krijg er nog steeds kippenvel van.”
Lees verder in Trouw


0 comments:
Een reactie plaatsen